Betrokkenen
THABASCO, Open, iWink, Initio.dbk
Uitdaging omschrijving
Probleemstelling
De provincie Groningen trekt verhoudingsgewijs weinig toeristen. Opmerkelijk veel Nederlanders zijn nog nooit in Groningen geweest. Ze hebben vaak ook geen idee waarom ze dat zouden moeten doen. Onderzoek van bureau VANDERTUUK van ’04: het beeld dat men van Groningen heeft is dat van een ‘kaal aardappelveld’: onherbergzaam boerenland, ver weg, saai, zonder (ons soort) mensen.
Marketing Groningen is opgericht om nieuwe impulsen te geven aan de regionale economie en de toeristische sector, in het bijzonder door krachten te bundelen (VVV Groningen en Groninger Uitburo zijn onderdeel van Marketing Groningen) en lopende promotieactiviteiten beter te coördineren. Door de provinciale overheid is budget vrijgemaakt voor een driejarige mediacampagne. Marketing Groningen heeft als opdrachtgever in ’04 de voorbereiding gedaan.
Uitgangspositie
Marktsituatie
Het CBS noteert in ’04, het jaar vóór de campagne, 18 miljoen binnenlandse vakanties met een gemiddelde duur van 6,7 dagen. We geven daaraan samen 2,6 miljard euro uit. De provincie Groningen profiteert, met Flevoland, het minst van deze uitgaven: slechts twee procent. Friesland krijgt er acht procent van. In ’02 (het enige gemeten jaar) onderneemt men 982 miljoen recreatieve dagtochten binnen Nederland; 3,2 procent daarvan gaat naar Groningen.
Concurrentiepositie
De zwakke concurrentiepositie komt voort uit de perifere ligging en eveneens dunbevolkte buurprovincies. Groningen heeft geen echte topattractie. Geen uitgestrekte bos- en heidegebieden en geen dierentuin, zoals Drenthe wel heeft. Geen watersportgebied of Waddeneilanden zoals Friesland wel heeft. Zonder massatoeristische ‘onderstroom’ is de basis voor vernieuwing en promotie door de sector (te) smal.
Doelstellingen en doelgroepen
Commerciële doelstellingen
• Substantiële verhoging van de toeristische bestedingen in de provincie Groningen.
Dat betekent minstens tien keer zo veel als het campagnebudget, dus 15 miljoen euro extra omzet aan toeristische bestedingen die redelijkerwijs aan de campagne toegeschreven kunnen worden. Het economisch effect is gebaseerd op overnachtingen (CBS) en dagrecreanten (CVO van Nipo NBTC), vermenigvuldigd met de gemiddelde bestedingen voor verblijfstoeristen en dagrecreanten (bron: TROM, toeristisch recreatieve onderzoeksmonitor ’07).
• Afgeleide commerciële doelen zijn:
– meer overnachtingen
– meer dagrecreanten
– hogere gemiddelde besteding.
• De campagne wordt gefinancierd met publiek geld. Ondubbelzinnige verantwoording is extra belangrijk.
Marketingcommunicatiedoelstellingen
1 De doelgroep onderkent dat Groningen een toeristische bestemming is.
2 De doelgroep oriënteert zich actief op wat Groningen te bieden heeft.
3 De Groninger zelf is gemotiveerd om Groningen als toeristische bestemming te promoten.
De communicatiedoelstellingen zijn niet gekwantificeerd. Doelstellingen 1 en 2 worden gekoppeld aan de statistieken voor online-communicatie: sitebezoek en abonneebestand van de nieuwsbrief. De website (ergaatnietsbovengroningen.nl) trekt in ’04 220.000 bezoekers.
Doelstelling 1: komt voort uit de probleemstelling. Groningen heeft bijna 100 procent bekendheid, maar niet als toeristische bestemming.
Doelstelling 2: spreekt voor zich en wordt gezien als de link tussen mediacampagne en gemeten economisch effect.
Doelstelling 3: voor succes op langere termijn is belangrijk dat de campagne gedragen wordt door de Groninger zelf, door bestuurders, politiek, bedrijfsleven en de burger. Behalen van de communicatiedoelen betekent een structurele verbetering van de perceptie en een betere uitgangspositie voor toekomstige promotieactiviteiten.
Marketingcommunicatiedoelgroep[en]
• Voor doelstelling 1 en 2: ‘geïnteresseerd Nederland’ (1.884.000 mensen)
• Voor doelstelling 3: inwoners van de provincie Groningen (575.000 mensen)
De term ‘geïnteresseerd Nederland’ komt van de Positioneringsgroep en is gebaseerd op het Mentality-model van onderzoeksbureau Motivaction. Kenmerken: ingetogen levensgenieter, wil nieuwe ervaringen opdoen, niet mainstream, wel georiënteerd op gelijkgestemden, hoger opgeleid, veelal stedeling zonder (thuiswonende) kinderen. Voor tv-inkoop: AB1, 35-49.